‘Het helpt als omgeving rugdekking biedt’

Gezamenlijke anti-discriminatiesessie van WUR en de gemeente Wageningen.
Scène uit de video die micro-agressie vergelijkt met muggenbeten.

Discriminerende micro-agressie is niet oké, daar zijn de meeste mensen het wel over eens. Maar hoe ga je dat te lijf, welke opties heb je als individu? En waarom moeten instituties zoals WUR en de gemeente Wageningen de drempel verlagen om je ertegen uit te spreken? Die kwesties stonden centraal tijdens een gezamenlijke bijeenkomst van WUR en de gemeente Wageningen, maandag in Impulse.

De sessie begon met een mini-college door Pravini Baboeram van ECHO (Expertise Center for Diversity Policy) over micro-agressie: op stereotyperingen gebaseerde opmerkingen of grapjes die de ander neerzet als ‘anders’. Hoewel de intenties lang niet altijd kwalijk zijn, is het effect ervan dat wel. Baboeram verduidelijkte dat via een video die uitingen van micro-agressie vergelijkt met muggenbeten: eentje is nog wel te doen, maar keer op keer gebeten worden, beperkt je in je bewegingsvrijheid en kan een mens tot razernij drijven.

De muggenmetafoor kwam nog regelmatig terug die middag. Rode draad tijdens de groepsdiscussie, die werd geleid door promovendus Joshua Wambugu (lezers van Resource kennen hem ook als columnist): wat kun je als omstander doen om het ‘steken’ te stoppen, hoe spreek je de ‘muggen’ erop aan? En ook: hoe maak je als omstander ‘de muggen’ de impact van hun gedrag duidelijk, zelfs als degene die is gestoken de ernst ervan bagatelliseert – iets dat mede door culturele verschillen regelmatig voorkomt? Baboeram benoemde verschillende opties (zie kader). ‘Welke je ook kiest, het feit dat je iets zegt van zo’n stigmatiserende opmerking zal áltijd indruk maken’, benadrukte ze.

Samen sterk

Hoewel je als individu dus wel degelijk verschil kunt maken, erkende ze tegelijkertijd dat het concept van de active bystander wel erg veel nadruk legt op individuele verantwoordelijkheid. ‘En in je eentje kun je maar beperkt verandering bewerkstelligen.’ Daarmee kwam het gesprek op de gezamenlijke verantwoordelijkheid van WUR en de gemeente Wageningen, als instituties met een grote invloed op het sociale klimaat. ‘Voor een individu maakt het groot verschil als de omgeving rugdekking biedt om je uit te spreken tegen micro-agressies’, benadrukte Baboeram.

Een cultuur waarin feedback geven volstrekt normaal is, maakt het veel makkelijker om je uit te spreken tegen micro-agressie

Joyce van der Velden (coördinator social safety) beaamde dat. ‘Een cultuur waarin feedback geven volstrekt normaal is, maakt het veel makkelijker om je uit te spreken tegen micro-agressie.’ Ook wethouder Guido van Vulpen zag een rol voor ‘zijn’ organisatie weggelegd. Zeker omdat Wageningen met z’n vele komende en vertrekkende inwoners een gemeente is met een bovengemiddeld volatiele bevolkingssamenstelling. Hij vertelde dat elk jaar ongeveer 10 procent van de bevolking nieuw is in de gemeente. En die nieuwkomers voelen zich een stuk sneller thuis als ‘muggen’ hen er niet voortdurend aan herinneren dat ze nieuw zijn.

Op cursus

Genoeg reden dus om meer moeite te doen voor een omgeving waarin het niet meer zo spannend voelt om mensen aan te spreken op stigmatisering of discriminatie, luidde de gezamenlijk conclusie. Hoe dat precies moet, blijft nog wel de vraag. ‘Eigenlijk zou WUR iedere medewerker en student een bijeenkomst als deze moeten laten volgen’, stelde een gespreksdeelnemer. Iemand anders zag er ook een individuele oproep in. ‘We laten ons hier zo vaak opslokken door ons werk, dat we vergeten om stil te staan bij de vraag hoe we een goede medemens kunnen zijn. Laten we daar meer tijd voor nemen, zeker nu er zulke grote zorgen leven over de dingen die internationaal gaande zijn.’

De sessie van maandag vond plaats in het kader van de Week tegen Racisme. Op donderdag en vrijdag zijn er in de stad nog meer activiteiten: een Mobiel Media Lab en een panelgesprek over oplossingen.


Active bystander
De zes manieren die Pravini Baboeram schetste waarop je als active bystander kunt reageren als iemand in jouw gezelschap wordt aangesproken op een niet kwaad bedoeld, maar pijnlijk stereotyperend grapje en daar op reageert met ‘je mag ook niks meer zeggen tegenwoordig, doe niet zo overgevoelig’:
Adresseer: ‘Ik voel me ongemakkelijk door wat hier gebeurt.’
Daag uit: ‘Ik geloof niet dat het oké is wat hier gebeurt.’
Bevraag: ‘Wat bedoel je daar precies mee?’
Voed op: ‘Dit is wat je opmerking losmaakt en daarom is het niet oké.’
Controleer: ‘Hoor ik dit nou goed, bedoel je echt te zeggen dat…?’
Benoem de norm: ‘Het is niet oké wat je doet.’

Lees ook:

Leave a Reply


Je moet inloggen om een comment te plaatsen.